Zoeken
  • Noguru

Peer Zondermeer.

Stel dat je het volgende leest.....;

“Wat ik wil, in essentie, wat ik echt wil is wat jij wilt. En ik weet niet wat ik wil. Verras me!"

That’s the kingship between I and Thou.


Dus ik stel mezelf de begin-vraag: “wat wil ik?” En het antwoord is: ik weet het niet! Toen aan Bodhidharma ( boeddhistisch leermeester) werd gevraagd: “Wie ben je?”, wat een andere vorm is van dezelfde vraag, zei hij: “Ik weet het niet”.


De Ultieme Werkelijkheid (of de Goddelijkheid) is nooit onderwerp van zijn eigen weten. Net zoals een mes zichzelf niet snijdt, zoals vuur zichzelf niet brandt en zoals Lich zichzelf niet verlicht. Het is altijd een eindeloos mysterie voor zichzelf.


En wanneer je niet weet wat je wilt, dan daal je af in de staat van verlangenloosheid. Als je het echt niet weet dan is er een begin-staat van niet-weten, en een eind-staat van niet weten. In de begin-staat weet je niet wat je wilt, omdat je er nog nooit over nagedacht hebt, of alleen maar oppervlakkig. Dan dwingt iemand je om erover na te denken, en dan zeg je dit, en dat en dat, dat is de midden-staat.

Dan ga je daar aan voorbij, en vraag jezelf af: is dit echt wat ik wil? En op het einde zeg je dan: 'Nee, ik denk niet dat dat het is. Misschien ben ik daarmee een tijdje tevreden, maar het is niet wat ik écht wil'.


Waarom weet je niet wat je echt wil?


Twee redenen: 1. Je hebt het al 2. Je kent jezelf niet, omdat dat onmogelijk is.


Dit “ik weet het niet” is hetzelfde als ‘ik heb lief’, ‘ik laat gaan’ of ‘ik probeer niet te controleren of forceren’. Het is hetzelfde als nederigheid.


De Upanishads (Sanskrietteksten of mantra’s die de non-duale werkelijkheid van het individu en de wereld beschrijven) zeggen het zo: ” Als je denkt dat je Brahma / God / Het Universum / De Bron begrijpt, dan begrijp je het niet, en moet je verder onderwezen worden. Als je weet dat je het niet kunt begrijpen, dan begrijp je het pas echt. Want Brahma / God / Het Universum / De Bron is onbekend aan degenen die het begrijpen, en openbaart zich aan degenen die het niet kennen (niet weten).”



En ieder keer als je stopt met je aan jezelf vast te klampen, heb je een toegang tot kracht. Want je bent de hele tijd energie aan het verspillen met jezelf te verdedigen, proberen dingen onder controle te houden, dingen naar jouw hand te zetten. Het moment dat je daarmee stopt is de verspilde energie weer beschikbaar.

Als je echter probeert God te spelen, dan vertrouw je dus niemand, dan verlies je die Goddelijke energie. Omdat je simpelweg jezelf aan het verdedigen bent.


Dus dan wordt het principe: ‘hoe meer je het weggeeft, hoe meer het terug komt.’


En dan zeg je misschien: ik heb niet de moed om het weg te geven, ik ben bang. Daar kun je alleen voorbij komen door te realiseren dat je het beter weg kunt geven, omdat er geen enkele manier is om het vast te houden. Omdat alles constant aan het oplossen is, we allemaal uit elkaar aan het vallen zijn, we allemaal in het proces van voortdurend sterven zijn.


Het feit dat je in verval bent is je reddingslijn. Je hoeft dan namelijk niets los te laten, omdat er niks is om je aan vast te houden. Het wordt vóór je gedaan door de natuur van de dingen.


Als je eenmaal ziet dat je geen keuze hebt, dan stort alles in elkaar. Je zult verdwijnen en geen enkel spoor achterlaten. EN als je daar echt mee kunt zijn, zul je plotseling beseffen dat je de kracht weer terug hebt, deze enorme bron van energie. En dit is kracht die je niet met geweld naar je toe getrokken hebt, het kwam van totaal de tegenovergestelde kant, en daarom is dit Kracht die te vertrouwen is.


En....? Wat wil jij nu je dit gelezen hebt?


Wil je nog steeds meer dan je nu al hebt, wilt of bent?

Als een soort Rupsje Nooitgenoeg?


Je kent dat rupsje wel, heel veel honger altijd en daardoor heel veel eten, van van alles en nog wat en uiteindelijk wordt de volgevreten rups een cocon waar een vlinder aan 'ontsnapt'.


Dit rupsje kan symbool staan voor ons zijnde Peer Wilmeer. Peer Wilmeer die meer en meer wil. Wij als mens.


Nu kun je over dat Rupsje verhaal natuurlijk zeggen dat die hele cyclus van uitgroeien tot een vlinder in de hoop dat die vlinder zich weer voortplant zodat nieuwe rupsjes kunnen ontstaan een cyclus is die het leven zelf symboliseert. Rupsjes kunnen niet zonder vlinders en vice versa. Ze hebben elkaar nodig. Zo blijft leven mogelijk.


Maar werkt dat bij Peer Wilmeer ook zo? Een heel leven honger stillen en dan.....??!!


En dan.... is er het uit elkaar vallen, het oplossen, het in elkaar storten, het grote verdwijnen. Dus leven en daarna dood. Dood en leven die bij elkaar horen? Misschien wel.


Mooie van het verhaaltje wat je gelezen hebt is wellicht wel dat dat in elkaar storten er al is. Hoeveel honger je ook hebt. In elkaar storten is er al als er leven is. Het niet begrijpen van dat wat is, is het in elkaar storten van al wat jij denkt dat is. Het niet weten is het begin van Peer Zondermeer.


Hmm, Peer Zondermeer, waar kwam dat nu vandaan......?


Peer Wilmeer werd tijdens het schrijven Peer Zondermeer.


Hmmm.......


Zomaar.


Ja, zomaar.


Zonder meer.




















34 keer bekeken